Rechts-populisme, een gevaar voor de democratie.           
                             Wat kunnen we doen om het gevaar te keren?

Mijn artikel “Forum voor Democratie langs de meetlat van het rechts-populisme” eindigde met de volgende zinnen (en  deze hielden een belofte in):

“Als uitsmijter: neem het rechtspopulisme in Nederland heel serieus. Een reddingboei voor een ieder die zich als persoon of als lid van een groep niet erkend en gezien voelt ( verdedigers van zwarte Piet en de boeren bijvoorbeeld). Daarom rust er volgens mij een belangrijke taak op de schouders van de politici van de ‘klassieke’ partijen. Neem de zorgen van deze mensen serieus, maar ga je niet gedragen als populisten. Hoe? Dat is nog niet zo gemakkelijk. In een volgend artikel ga ik een poging doen om een antwoord te geven op die vraag”.
In dit essay wil ik duidelijk maken welk gevaar (rechts)populisme inhoudt voor de liberale democratie en de rechtsstaat (ook in Nederland), hoe de toenemende invloed van (rechts)populisme te verklaren is en wat politici van niet-populistische partijen, journalisten, wetenschappers enz. mijn inziens het beste kunnen doen om de groei van het populisme tot staan te brengen.
Gedurende een periode van zo’n veertig jaar heb ik tijdens de lessen geschiedenis,  staatsinrichting en maatschappijleer geprobeerd aan leerlingen van Mavo (later VMBO), Havo en VWO het belang van de Trias Politica duidelijk te maken. Dat de drie machten die bij het besturen van een land essentieel zijn – de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht – gescheiden moeten zijn, elkaar in evenwicht moeten houden. Ook al is de scheiding tussen de wetgevende en de uitvoerende macht in Nederland niet waterdicht – zo zijn ze beiden betrokken bij het tot stand komen van wetgeving – het is van groot belang dat de rechterlijke macht onafhankelijk van de andere twee machten kan functioneren. Waarom? Om te voorkomen dat de politieke macht in handen komt te liggen van 1 persoon of 1 partij zoals in een dictatuur of autocratie. Het doel van de rechtsstaat is om de burgers te beschermen tegen machtsmisbruik van de overheid. Ook de overheid moet zich aan de wet houden en mag dus de vrijheden en rechten van de burgers niet zomaar beperken of afpakken. De rechter bepaalt of iemand zich aan de wet heeft gehouden of niet. Die (grond)rechten zoals vrijheid van godsdienst, vrijheid van meningsuiting, het recht van vereniging en vergadering, onaantastbaarheid van het lichaam en kiesrecht, zijn vastgelegd in de grondwet. Daarom had ik elke les en bij elk mondeling examen dat ik afnam een exemplaar van de grondwet bij me.
Waarom deze schoolse uitleg die voor u als lezer wellicht niet nodig was? Om duidelijk te maken waarom ik door de toenemende invloed van populistische partijen en leiders in veel landen in de wereld bezorgd ben over het aantasten van het fundament van de liberale democratie en de rechtsstaat.
Rechts-populistische partijen boeken vooral sinds het begin van de eenentwintigste eeuw aanzienlijke electorale successen. Zo behoren de Partij van de Vrijheid (PVV),  Forum voor Democratie en de Deense Volkspartij (FPO) momenteel bij de grotere partijen in hun land en spelen  Rassemblement national van Marine le Pen in Frankrijk en de partij Alternative für Deutschland (AFD) een steeds belangrijker rol in het politieke landschap.
De afgelopen jaren zagen we dat op democratische wijze partijen en personen aan de macht kwamen, maar sluipend de  liberale democratie ombouwden tot een illiberale democratie: anders gezegd een democratie zonder rechten, waar geen respect meer is voor onafhankelijke instituties en rechten van het individu. In Polen, Turkije en Hongarije werd de liberale democratie via de volgende maatregelen door de populistische leiders ontmanteld:
  1. Binnenlandse en buitenlandse vijanden worden benoemd en bestreden.
  2. De macht over de onafhankelijke rechterlijke macht wordt stapsgewijs overgenomen.
  3. Regels rond verkiezingen worden in eigen voordeel aangepast.
  4. De aan de macht zijnde partij probeert controle te verkrijgen over de media.
Zo zagen we in India (Modi als leider van de hindoe-nationalistische partij BJP), Rusland (Poetin) en de VS (Trump) dezelfde illiberale democratie zich ontvouwen. Wat betekent dit voor Nederland? In tegenstelling tot Rusland, Hongarije en Turkije heeft Nederland toch een stevige democratische traditie? Dat klopt, maar het is goed om er op te wijzen dat zowel Thierry Baudet, als Geert Wilders bewonderaars zijn van Orban, het Rusland van Poetin en van Donald Trump.
Populisme
De politicoloog Cas Mudde zegt het zo: "Ik definieer populisme als een 'dunne' ideologie, die de samenleving verdeelt in twee groepen die tegenover elkaar staan. Het pure volk aan de ene kant en de corrupte elite aan de andere kant. Populisten willen dat de politiek de algemene wil van het volk volgt. Een 'dunne' ideologie betekent dat het zich maar over enkele essentiële zaken uitspreekt. In de praktijk verbinden populistische partijen het populisme met andere ideologieën. Bij rechts is dat vaak het nationalisme, bij links is dat vaak het socialisme. Op basis van het populisme alleen weet je nog maar weinig over het economische of politieke systeem dat ze willen hebben."                                                                                                 
Mede op basis van deze omschrijving onderscheid ik de volgende karakteristieken van rechts-populisme (voor een nadere toelichting zie mijn  artikel  Forum voor Democratie langs de meetlat van het rechts-populisme”):
1.      Nationalisme, een land met een eigen dominante cultuur, waaraan ‘allochtonen’ zich moeten aanpassen; waar men trots is op de helden uit de eigen geschiedenis (geen ruimte voor kwalijke bladzijden uit de nationale geschiedenis);
2.       De politiek moet de wil van het volk volgen, dit kan het beste door gebruik te maken van vormen van directe democratie zoals referenda; dit gebeurt in de redenering van de populist niet of te weinig in een parlementaire democratie waar het ‘partijkartel’ van de partijen al decennia lang de dienst uitmaakt.
3.      De leider van de populistische beweging, weet wat het volk wil en gebruikt de legitimiteit van de democratische verkiezingen om zijn macht te consolideren en zo mogelijk uit te breiden: Erdogan in Turkije, Trump in de VS, Urban in Hongarije, Johnson in Groot-Brittannië, Bolsonaro in Brazilië, Wilders en Baudet (als ze de kans krijgen?) in Nederland
4.      Onorthodoxe middelen zijn toegestaan om dit heilige doel (uitvoeren van de wil van het volk) te bereiken.                                                                                                   
a. Creatief omgaan met de waarheid:
b. Grof taalgebruik om tegenstanders zwart en belachelijk te maken:  
c. Intensief gebruik maken van sociale media: politiek bedrijven en regeren per tweet.
d. Veelvuldig gebruik van ‘humor’ en het provoceren van de politieke tegenstanders. 
Rechts-Populisme een gevaar voor de Nederlandse democratie en rechtsstaat
Ik ben minder optimistisch over de politieke situatie in Nederland dan de meeste politicologen. Als ik let op de politieke stellingname van de PVV en Forum voor Democratie dan zie ik de kenmerken van rechts-populisme zoals ik die hierboven heb geschetst in grote mate terug:
-          het volk tegenover de elite (het kartel, de linkse universiteiten, de partijdige rechters, de media enz.),
-          het niet erkennen van de onafhankelijke rechtspraak: Geert Wilders die spreekt over D66 rechters en ‘ het is hier een banenrepubliek’ toen de rechters hem veroordeelden.
-          Baudet sprak in een debat over de rechtsstaat naar aanleiding van rechterlijke uitspraken over stikstof en het terughalen van kalifaatkinderen enkele weken terug, over een ‘dikastocratie’: een heerschappij van niet-verkozen magistraten. Wat hij wel goed vindt bleek uit een tweet na het aannemen van een omstreden wet in Polen die het mogelijk maakt om rechters die kritisch zijn op de regeringspartij te straffen met disciplinaire maatregelen of ontslag: „Polen neemt wet aan om rechterlijke macht aan banden te leggen en suprematie weer bij democratisch gekozen parlement te leggen. Gekozen politici”  Dit vind ik een gevaarlijkeuitspraak: de boom aan de wortel van de Trias Politica, want politici bepalen dan wat de ‘onafhankelijke’ rechtspraak mag zeggen en besluiten!
-          ook politici van andere politieke partijen hebben regelmatig kritiek op uitspraken van de rechterlijke macht en daarin schuilt een volgend gevaar van de toenemende invloed van rechts-populistische partijen: andere partijen nemen taalgebruik en ondemocratische standpunten over om maar geen kiezers kwijt te raken.
-          De minachting voor het parlement. Baudet: „Het parlementaire gebeuren is een theaterstuk” en Wilders: ‘nepparlement‘.
-          Als de PVV en Forum voor Democratie samen twintig procent van de stemmen bij de volgende verkiezingen voor de Tweede Kamer halen, betekent dat 30 zetels en dat houdt in dat er bijna geen regeringscoalitie mogelijk is zonder deze partijen of een coalitie met één van deze partijen.
-          Wat mij nog het meest verontrust is het feit dat Geert Wilders en Thierry Baudet regelmatig hun bewondering uiten voor het autocratische optreden van de Hongaarse premier Victor Orban, de Poolse regeringspartij PiS, Salvini in Italië en Donald Trump.
Aantrekkingskracht van rechts-populistische partijen
In hun recente boek National Populism. The Revolt Against National Liberalism stellen de Britse politicologen Matthew Goodwin en Roger Eatwell dat het rechts-populisme geen voorbijgaande oprisping is. Kijk naar Italië, Oostenrijk, Hongarije, Polen, Duitsland en Frankrijk. En vergeet de Verenigde Staten en Brazilië niet. Ze benoemen vier factoren die bepalend zijn voor het succes van populistische bewegingen bij een flink deel van het electoraat:
1.      Een hartgrondige afkeer van,  soms zelfs haat, tegen de bestuurlijke elite, die het contact met de samenleving kwijt zou zijn.
2.      De angst dat de ‘eigen’ cultuur op een fatale manier wordt ‘verdund’, overgenomen of weggevaagd, in de eerste plaats door immigratie.
3.      Het wegvallen van sociale zekerheid, toenemende ongelijkheid, een oneerlijke verdeling van de lasten.
4.      En als laatste: het losraken van het electoraat van de traditionele partijen, waardoor nieuwe bewegingen en partijen heel snel heel groot kunnen worden.

Bij deze laatstgenoemde factor wil ik voor de situatie in Nederland opmerken dat de partijen die gedurende decennia politiek gezien de dienst uitmaakten, het CDA en de PvdA,  hun traditionele achterban hebben zien slinken omdat – en nu zeg ik het maar heel simpel -  er minder christenen en arbeiders zijn. Anders gezegd volgens Pierre Rosanvallon, professor moderne politieke geschiedenis, heeft er een belangrijke sociologische verandering plaatsgevonden. Volgens hem konden we in het verleden een samenleving begrijpen door haar te definiëren aan de hand van sociale condities: er waren duidelijke sociale groepen en klassen. Je kon mensen en hun problemen indelen op geloof, leeftijd, werk, inkomen, gezondheid. De gehele verzorgingsstaat werd in de afgelopen eeuw georganiseerd langs deze lijnen.
Maar vandaag de dag is er een nieuw element in de constructie van samenlevingen. Om degenen die op populistische partijen stemmen te begrijpen moet je volgens Rosanvallon andere specifieke elementen meenemen. Het gaat om mensen die heel ver van hun werk wonen en voor wie de transportkosten zwaar wegen. Moeders ook, die hun kinderen alleen moeten opvoeden. Gescheiden mensen die moeilijk kunnen rondkomen. Mensen die door pech uitvielen op school of examens niet haalden. Al deze mensen kwamen in kwetsbare situaties terecht die niet via de verzorgingsstaat, waarop bijvoorbeeld in Nederland de afgelopen jaren sterk is bezuinigd, zijn verzekerd. Mensen die in een specifieke situatie leven, hebben daardoor het gevoel dat ze vergeten zijn, onzichtbaar zijn. Volgens hem zijn democratie en populisme sterk met elkaar verbonden. ‘Populisme’, zegt Rosanvallon, ‘is niet alleen een symptoom van het hedendaagse probleem dat de democratie niet goed functioneert, dat ongelijkheid toeneemt en dat instituties in slechte condities verkeren. Populisme is juist een antwoord op die vraagstukken’. Hij noemt populisme wel een pathologie (ziekte) van de democratie. Om de stemmers op rechts-populistische partijen te begrijpen moet je volgens Rosanvallon rekening houden met het feit dat het gaat om mensen die zich niet gehoord, gerespecteerd en niet vertegenwoordigd voelen door de klassieke politieke partijen.
Aanbevelingen
Op de vraag waarom mensen stemmen op rechts-populistische partijen zijn veel antwoorden mogelijk. Wel kun je stellen dat de klassieke politieke partijen jarenlang er niet in zijn geslaagd om  de problemen van mensen die veroorzaakt werden door een opeenstapeling van ingrijpende ontwikkelingen op te lossen: mondialisering van de economie, waardoor een deel van de productie zich verplaatste naar lage lonen landen, automatisering en digitalisering, waardoor laag geschoolde arbeiders vervangen werden door machines, groeiende immigratie en het gevoel dat de eigen cultuur verloren gaat, bezuinigingen in de sociale en publieke sector, het gevoel dat Brussel alles bepaalt, en recent, de te verwachten maatregelen die te maken hebben met de gevolgen van de klimaatproblematiek. En waaruit bestaat de aantrekkingskracht van de rechts-populisten?
Populisme is juist een antwoord op die vraagstukken. Een heel gestructureerd antwoord. Het bevat een alternatieve visie op democratie, op gelijkheid, op rechtvaardigheid, op de economie. Het biedt een complete visie op de maatschappij.
1.      Op economisch terrein is het antwoord van populisme, protectionisme.
2.      Op het sociale en culturele terrein vlak luidt het antwoord dat de maatschappij homogeen kan zijn, zonder buitenlanders. Homogeniteit vervangt bij populisten de notie van gelijkheid.
3.      Populisme is tegen bemiddeling in de democratie via instituties, rechtbanken, onderwijs, pers. Politieke partijen en instituties stelen volgens populisten de algemene wil van de mensen. Populisme verkiest in plaats daarvan een directe relatie tussen de mensen en de leider. Bindende referenda moeten de wil van het volk duidelijk maken.
Daarnaast is het van belang om te vermelden dat het charisma en het politieke vernuft van veel rechts-populistische leiders er voor zorgen dat mensen het gevoel hebben door deze politici wel gehoord te worden. Deze leiders maken maximaal gebruik van de invloed en macht van de sociale media: Trump regeert per tweet, Geert Wilders daagde al eerder tegenstanders uit in 16 tekens en ook Baudet gebruikt liever het middel van de sociale media dan dat hij een slachtoffer wil zijn van de ‘frames’ van de publieke omroep.
De politicoloog Cas Mudde stelt vast dat klassieke politici bijzonder veel kritiek hebben op populistische politici, maar zelden toegeven dat de opkomst van populisten wel eens met hun eigen falen te maken zou kunnen hebben. Telkens als een populist verkiezingswinst behaalt is de verklaring van de politici van de klassieke partijen dat ze hun beleid niet goed hebben uitgelegd of dat er een misverstand is tussen hem/haar en de kiezers. Wat is dan wel een goede verklaring voor het succes van de populisten?
1.      In de eerste plaats is volgens Mudde het feit dat veel partijen al jaren er niet in geslaagd zijn om een gedegen visie op de belangrijkste huidige thema’s te ontwikkelen.
2.      Ten tweede zijn volgens hem de klassieke partijen enkele decennia lang verantwoordelijk geweest voor het sociaal-economisch beleid waardoor het ongeloofwaardig is om nu plots te gaan beloven dat ze die problemen gaan oplossen.”Ze zullen eerst een knieval moeten maken en moeten toegeven dat ze te ver zijn meegegaan in een beleid dat uiteindelijk tot de financieel-economische crisis van 2008 heeft geleid.
3.      Ze moeten hun kiezers overtuigen van het feit dat ze als partij terug naar hun beginselen gaan: de sociaaldemocraten moeten opnieuw solidariteit en gelijkheid vooropstellen, de liberalen moeten opnieuw echte liberale waarden verdedigen. Partijen moeten uitgaan van hun eigenheid en hun eigen kracht.” Aldus Mudde.
Ik ben het hier volledig mee eens. Maar de vraag is: kunnen ze en ook, durven ze dat? Want tot nu toe dachten ze dat ze alles konden rechttrekken met een nieuwe slogan of een sterke marketingcampagne. Maar probleem is dat ze tot nu geen boodschap meer hebben en blindelings de populisten achterna zijn gaan hollen. Wat betreft de situatie in Nederland was opvallend dat vooral de VVD die jaren achtereen de hete adem van de PVV van Wilders in de nek voelde, en in wat mindere mate het CDA, met voorstellen kwamen die ik PVVD ideeën ben gaan noemen.
Mudde lichtte in een interview in de Volkskrant van 15 november 2019, zijn standpunt over het succes van rechts-populisme verder toe.
Volgens Mudde is dit het gevolg van de ‘normalisering’ van een rechts-populisme waarin etnische en religieuze minderheden worden voorgesteld als een acuut gevaar voor de Nederlandse identiteit en waarden. Schuldig aan die normalisering zijn de politieke en journalistieke mainstream die de afgelopen twintig jaar steeds verder zijn gaan mee­buigen met radicaalrechtse xenofobie. In Nederland ziet Mudde dit normaliseringsproces vooral in de manier waarop een radicaal rechtse partij als ­Forum voor Democratie wordt voorgesteld: als doodnormale beweging met standpunten die niet verworpen, maar serieus moeten worden genomen. Ideeën die vroeger direct de kop in zouden zijn gedrukt, hebben hierdoor de kans gekregen het maatschappelijk ­debat te bepalen.
En dan nu mijn aanbevelingen:
1.      Omdat ik de groei van rechts-populistische partijen in een groot deel van de wereld als een serieuze bedreiging zie voor de liberale democratie is mijn advies: neem de opkomst van rechts-populisme serieus!
2.      Omdat de opkomst van deze partijen mede mogelijk gemaakt is door de politieke partijen die jarenlang regeringsverantwoordelijkheid hebben gedragen: neem de klachten en wensen van de stemmers op deze partijen serieus.
3.      Oproep aan vertegenwoordigers van de niet-populistische partijen: praat wel met de politieke leiders van rechts-populisten, maar spreek en handel niet zoals de rechts-populisten. Neem het grove taalgebruik en de negatieve bejegening van (politieke) tegenstanders niet over.
4.      Ik gebruik bewust de term rechts-populisme en niet extreem-rechts of (neo)-fascistisch, ook al wordt er in deze kringen soms geflirt met extreem-rechtse ideeën. Waarom? Omdat het doel, het verdedigen van de liberale democratie en rechtsstaat, niet gediend is met een felle discussie over deze beladen terminologie. Daarom adviseer ik politici, journalisten, publicisten, wetenschappers enz. de term rechts-populisme te gebruiken.
5.      Ik vind het moeilijk om concrete adviezen te geven aan de klassieke politieke partijen hoe ze het aan de rechts-populisten verloren terrein terug kunnen winnen, maar het uitgangspunt moet zijn: ga uit van de eigen principes en eigen kracht. Werk met een uitgewerkte visie voor de lange termijn en met maatregelen die daarin passen voor de korte termijn. Doe dit met alle onderwerpen waarmee de rechts-populistische partijen de aandacht trekken en kom met alternatieven voor hun oplossingen: immigratie, integratie, arbeidsmigratie als onderdeel van het beleid en de uitgangspunten van de Europese Unie, erkenning dat in het onderwijs, de zorg enz. door bezuinigingen en regelgeving die gebaseerd is op wantrouwen, een fundamentele koerswijziging nodig is.
a.       Wees eerlijk over je stemgedrag met betrekking tot bijvoorbeeld de Europese Unie. Veel politici hebben de neiging om te roepen dat een bepaalde maatregel de ‘schuld is van Brussel”, terwijl hun partijen zelf voor die maatregel hebben gestemd.
b.      Toon moed als er maatregelen genomen moeten worden in verband met de klimaatproblematiek. Streef er naar de lasten van deze maatregelen zo eerlijk mogelijk te verdelen.
c.       Bekritiseer het rechts-populisme doelgericht, in plaats van te reageren op elke leugen: maak duidelijk dat ze vaak niet opkomen voor de belangen van de mensen die ze zeggen te vertegenwoordigen en dat hun voorstellen vaak de rechtsstaat uithollen.
d.      Kijk nog eens serieus naar de voorstellen van de staatscommissie parlementair stelsel die in december 2018 werden gepresenteerd door de voorzitter van deze commissie Johan Remkes. De mondige burger uit 2020 heeft vaak zoveel expertise op allerlei terreinen dat het dom zou zijn om als lokale of landelijke overheid daar geen gebruik van te maken. Denk onder andere nog eens na over een bindend correctief referendum. Voer deze stapsgewijs in op gemeentelijk niveau. Op deze wijze kan de betrokkenheid van de burger bij de politiek vergroot worden. Laat de burgers zien dat ze op dit niveau vaak al allerlei inspraakmogelijkheden hebben: (digitale)enquêtes, inspraakmogelijkheden tijdens gemeenteraadsvergaderingen, Right to Challenge (burgers nemen taken van de gemeente over die zij denken slimmer, beter en goedkoper te kunnen doen).
e.       Tot slot, ik kan het niet laten, nog één van de tien belangrijkste adviezen van de staatscommissie: “Versterk het onderwijs in de vakken geschiedenis, staatsinrichting en maatschappijleer”.
Veel politicologen en politiek filosofen hebben gepubliceerd over de groei van het rechts-populisme en hebben vaak gedetailleerder dan ik hierboven heb gedaan, aanbevelingen geformuleerd voor de ‘klassieke’ politieke partijen om een antwoord te vinden op de zorgen van veel burgers. In de onderstaande publicaties zijn veel van dergelijke aanbevelingen terug te vinden. Ik ben bereid om mee te denken met vertegenwoordigers van politieke partijen en maatschappelijke organisaties en welke belangstellenden dan ook, over het concretiseren van deze aanbevelingen.

Relevante literatuur:  
Fukuyama, Francis, Identiteit waardigheid en ressentiment en identiteitspolitiek, 2019
Zijn belangrijkste verklaring voor de onvrede bij veel burgers is: het betreft groepen van mensen die streven naar erkenning als gelijke, ze willen behandeld worden met respect. Volgens hem moet de nationale identiteit die gebaseerd is op de grondbeginselen van de moderne liberale democratie bevorderd worden en moet politiek beleid gebruikt worden om nieuwkomers bewust in die identiteiten op te nemen: “beleidsmaatregelen die zich richten op een geslaagde integratie zouden kunnen helpen om de huidige opleving van het populisme de wind uit de zeilen te nemen en kan zorgen voor een nationale cohesie”.

Djaïz David, Slow Démocratie (in juni 2020 verschijnt een Nederlandse vertaling)
Sterke natiestaten met lokale economieën zijn de manier om groeiende ongelijkheid tegen te gaan, betoogt David Djaïz. Toch ziet hij óók een belangrijke rol voor de Europese Unie. De gevestigde partijen moeten zich om dit nationale gevoel bekommeren, zegt Djaïz, om te voorkomen dat nationalistische populisten ermee aan de haal gaan. De kern van het probleem is de democratie, betoogt hij. Veel burgers willen meer sociale gelijkheid, maar vinden geen gehoor bij natiestaten die hun greep op de economie hebben verloren door de globalisering. 
 Goodwin, Matthew en Eatwell, Roger, National Populism. The Revolt Against National Liberalism . 
„Ophouden deze mensen als oude, witte, boze mannen weg te zetten. Een meer robuuste immigratiepolitiek op de agenda zetten. Investeren in hechter geïntegreerde sociale gemeenschappen. Doen we dat niet, dan neemt het wantrouwen toe, neemt de steun voor de verzorgingsstaat af en ook de solidariteit met mensen met een andere achtergrond. Wanneer we gesegregeerde wijken laten bestaan, geen betekenisvolle bruggen tussen verschillende gemeenschappen weten te bouwen, ondermijnen we het hele progressieve project. Er is echt haast bij.”
Mudde, Cas,  The Far Right Today. 2019
Bovenkant formulier
We constateerden al eerder dat Mudde waarschuwde voor de ‘normalisering’ van een rechts-populisme waarin etnische en religieuze minderheden worden voorgesteld als een acuut gevaar voor de Nederlandse identiteit en waarden. Schuldig aan die normalisering zijn volgens hem de politieke en journalistieke mainstream die de afgelopen twintig jaar steeds verder zijn gaan mee­buigen met radicaalrechtse xenofobie. Ik wil u een ander meer ‘verwachtingsvol’ citaat niet onthouden:
 ‘De komende tien jaar zullen radicale rechts-populistische partijen rond de 10 en 15 procent van de stemmen blijven binnenhalen. Maar hun invloed zal ­minder groot worden. Nu hebben de thema’s die zij aankaarten nog urgentie en kunnen ze waarschuwen dat de moslims op het punt staan de boel over te ­nemen. Maar straks is er overal meer ­diversiteit en wordt dat het nieuwe ­normaal dat xenofoben hebben te accepteren. Niet dat ze er blij mee zullen zijn, maar veranderen kunnen ze het dan niet meer.’
                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                  Müller, Jan- Werner, Wat is populisme? Amsterdam 2017    
Hij eindigt zijn boek met de volgende wens: “Het populisme zou verdedigers van de liberale democratie moeten dwingen om dieper na te denken over de huidige tekortkomingen van de liberale democratie. En nadenken over vragen als: Wat zijn de criteria om deel uit te maken van de politieke gemeenschap? Hoe kun je de zorgen wegnemen van populistische kiezers, opgevat als vrije en gelijke burgers, niet als ziekelijke gevallen van mannen en vrouwen die zich door frustratie, boosheid en rancune laten leiden?”                  
 Rosanvallon, Pierre, De democratie denken, Werk in uitvoering.
“Groot nadeel van referenda is dat ze vaak niet de gevolgen van de uitslag meenemen. Je kunt voor Brexit stemmen, maar welke Brexit? Wat zijn de consequenties? Het is onverantwoordelijk een referendum te organiseren als je niet serieus laat zien wat de voorwaarden zijn waarop de uitslag kan worden uitgevoerd. Burgers zoeken naar middelen om te kunnen interveniëren, om gehoord te worden. Dat kan ook anders. Als er niets is tussen zwijgen en een referendum, dan is de democratie naar de haaien. Frankrijk experimenteert met 150 willekeurig gekozen burgers die moeten bedenken hoe de CO2-uitstoot omlaag kan. Dat is positief. Niet alleen hier, maar overal zijn experimenten aan de gang met dit soort burgerjury’s. Volgens Rosanvallon moeten we  een beter en ook overtuigender antwoord vinden dan dat van de populisten.Want in werkelijkheid doen ze niets voor de ­onzichtbaren. Maar bedenk: de politiek kan dit nooit alleen doen. Dit is een verantwoordelijkheid van iedereen die de onzichtbaren kan representeren. Filmmakers bijvoorbeeld. Nu zijn er nog steeds milieus die je nooit op het witte doek zult zien. En de romans zijn in Frankrijk altijd enigszins intellectueel en ze spelen wel erg vaak in Parijs. En ook in kranten zie je niet alles.  De journalisten, hebben ook een verantwoordelijkheid!”                                          
Mounk, Yasha,  The People vs. Democracy. Why our freedom is in danger & how to save it’,  Harvard 2019
Yasha Mounk komt met een aantal aanbevelingen om het populisme de wind uit de zeilen te nemen: “Meer belastingen voor bedrijven en hoge inkomens, bestrijden van flexibilisering van de arbeid, betere volkshuisvesting. Kortom, een herstel van het primaat van de politiek op de economie, zodat burgers weer het gevoel krijgen dat ze hun eigen lot kunnen bepalen”.

Teun Monster                                                                                                                   Historicus en oud-docent geschiedenis, maatschappijleer en maatschappijwetenschappen




















Reacties

Populaire posts