Het raadsel Spinoza
Irvin D. Yalom
Het raadsel Spinoza (Balans, 440 blz.) 19,95
Ruim een half jaar nadat de Duitsers Nederland waren binnengevallen, kwamen mensen van de ERR, Einsatzstab Reichsleiter Rosenberg, met grote limousines voorrijden bij het Spinozamuseum in Rijnsburg. Ze namen alles mee: de boeken, een buste en een portret van Spinoza. Ze voerden de boel af en verzegelden en onteigenden het museum.
Yalom, een van de beroemdste psychiaters ter wereld, kreeg dit verhaal te horen toen hij het Spinozamuseum bezocht. Hem werd ook verteld dat de officiële reden van de plundering van de bibliotheek van Spinoza was: “Er bevinden zich waardevolle vroege werken onder die van groot belang zijn voor nader onderzoek van het raadsel Spinoza.” Yalom vroeg zich af waarom Alfred Rosenberg - de belangrijkste ideoloog van het antisimitisme - het “raadsel (van de jood) Spinoza” wilde oplossen. Hij besloot te gaan schrijven over dit raadsel en omdat er weinig authentieke bronnen over Spinoza aanwezig zijn, schreef hij een roman over zijn innerlijke leven. Hij ging er vanuit dat daarbij zijn ervaringen als psychiater hem goed van pas zouden komen.
In een tweeluik schetst de schrijver om en om het leven van Spinosa en Rosenberg. Zo springt het verhaal telkens heen en weer van de zeventiende naar de twintigste eeuw en wordt ons een boeiend beeld geschetst van enerzijds het wel en wee van de Joodse gemeenschap in Amsterdam rond 1656 en anderzijds van het antisemitische gedachtegoed van Alfred Rosenberg.
Over Bento (Baruch, Benedictus) de Spinoza - volgens Jonathan Israel het grote voorbeeld van een radicale verlichter – werd vanwege zijn afwijkende ideeën in 1656 een banvloek uitgesproken. Niemand van de Joodse gemeenschap mocht nog contact met hem hebben. Yalom probeert te duiden wat dit voor Spinoza betekende.
Alfred Ernst Rosenberg (Baltisch Duitser) was de partij-ideoloog van de NSDAP en bekleedde een aantal meer of minder belangrijke posten in de nazi-regering. Hij wordt beschouwd als degene die de kernpunten van de nazi-ideologie heeft ontwikkeld en op schrift gesteld. Yalom houdt zich in zijn roman wat betreft de levensloop van Rosenberg aan de feiten, maar de kracht van zijn verhaal zit in de fictieve gesprekken die hij tussen Rosenberg en een psychiater weergeeft. Het beeld dat uit deze gesprekken op rijst, is dat van een man die moeite heeft zich te hechten aan andere mensen en die in de partij, ondanks de invloed die hij heeft gehad op het ontwikkelen van de Nazi-ideologie, toch een eenling bleef die grote psychische problemen kende. Op een soms beangstigende manier beschrijft Yalom de zielenroerselen van een antisemiet die volledig overtuigd is van zijn gelijk en die zijn ideeën ook weet over te brengen op anderen.
En hoe zit dat nu met het “raadsel Spinoza”? Bestond het raadsel uit het feit dat Rosenberg zich niet kon voorstellen dat hij de radicale ideeën van een Jood bewonderde? Lees voor de oplossing van dit raadsel dit boeiende boek van Yalom.
Het raadsel Spinoza (Balans, 440 blz.) 19,95
Ruim een half jaar nadat de Duitsers Nederland waren binnengevallen, kwamen mensen van de ERR, Einsatzstab Reichsleiter Rosenberg, met grote limousines voorrijden bij het Spinozamuseum in Rijnsburg. Ze namen alles mee: de boeken, een buste en een portret van Spinoza. Ze voerden de boel af en verzegelden en onteigenden het museum.
Yalom, een van de beroemdste psychiaters ter wereld, kreeg dit verhaal te horen toen hij het Spinozamuseum bezocht. Hem werd ook verteld dat de officiële reden van de plundering van de bibliotheek van Spinoza was: “Er bevinden zich waardevolle vroege werken onder die van groot belang zijn voor nader onderzoek van het raadsel Spinoza.” Yalom vroeg zich af waarom Alfred Rosenberg - de belangrijkste ideoloog van het antisimitisme - het “raadsel (van de jood) Spinoza” wilde oplossen. Hij besloot te gaan schrijven over dit raadsel en omdat er weinig authentieke bronnen over Spinoza aanwezig zijn, schreef hij een roman over zijn innerlijke leven. Hij ging er vanuit dat daarbij zijn ervaringen als psychiater hem goed van pas zouden komen.
In een tweeluik schetst de schrijver om en om het leven van Spinosa en Rosenberg. Zo springt het verhaal telkens heen en weer van de zeventiende naar de twintigste eeuw en wordt ons een boeiend beeld geschetst van enerzijds het wel en wee van de Joodse gemeenschap in Amsterdam rond 1656 en anderzijds van het antisemitische gedachtegoed van Alfred Rosenberg.
Over Bento (Baruch, Benedictus) de Spinoza - volgens Jonathan Israel het grote voorbeeld van een radicale verlichter – werd vanwege zijn afwijkende ideeën in 1656 een banvloek uitgesproken. Niemand van de Joodse gemeenschap mocht nog contact met hem hebben. Yalom probeert te duiden wat dit voor Spinoza betekende.
Alfred Ernst Rosenberg (Baltisch Duitser) was de partij-ideoloog van de NSDAP en bekleedde een aantal meer of minder belangrijke posten in de nazi-regering. Hij wordt beschouwd als degene die de kernpunten van de nazi-ideologie heeft ontwikkeld en op schrift gesteld. Yalom houdt zich in zijn roman wat betreft de levensloop van Rosenberg aan de feiten, maar de kracht van zijn verhaal zit in de fictieve gesprekken die hij tussen Rosenberg en een psychiater weergeeft. Het beeld dat uit deze gesprekken op rijst, is dat van een man die moeite heeft zich te hechten aan andere mensen en die in de partij, ondanks de invloed die hij heeft gehad op het ontwikkelen van de Nazi-ideologie, toch een eenling bleef die grote psychische problemen kende. Op een soms beangstigende manier beschrijft Yalom de zielenroerselen van een antisemiet die volledig overtuigd is van zijn gelijk en die zijn ideeën ook weet over te brengen op anderen.
En hoe zit dat nu met het “raadsel Spinoza”? Bestond het raadsel uit het feit dat Rosenberg zich niet kon voorstellen dat hij de radicale ideeën van een Jood bewonderde? Lees voor de oplossing van dit raadsel dit boeiende boek van Yalom.
Reacties
Een reactie posten